Technologie
KTH, bewerktWerkt de kern-tech betrouwbaar in een echte lesomgeving, niet alleen in de demo.
De EdTech-variant van het KTH Innovation Readiness Level. Vier generieke innovatie-assen, bewerkt voor de schoolcontext, plus vier assen die generieke frameworks missen: leeropbrengst, dataveiligheid, interoperabiliteit en verantwoorde AI. Elke as loopt van niveau 1 tot 9, met per niveau de mijlpaal die je nodig hebt om door te groeien.
Het KTH-model meet Customer, Technology, Business, Team, IPR en Funding. Dat werkt voor generieke startups, maar mist waar EdTech staat of valt. Een product kan technologisch op niveau 9 zitten en pedagogisch op niveau 2: ziet er prachtig uit, geen enkel bewijs dat een leerling er iets van leert. De vier toegevoegde assen zijn de onderscheidende kern van OT-IRL.
Elke dimensie kent drie banden: verkenning (1–3), validatie & pilot (4–6), opschaling & borging (7–9). De niveaudefinitie ís de vervolgstap: waar je nu staat, vertelt je wat er moet gebeuren om één niveau te stijgen.
Werkt de kern-tech betrouwbaar in een echte lesomgeving, niet alleen in de demo.
Koper, gebruiker en begunstigde zijn in het onderwijs verschillende mensen. Deze as meet of alle drie zijn geadresseerd.
De belangrijkste as, en degene die generieke frameworks niet hebben. Van "wij denken dat het helpt" naar onafhankelijk gevalideerde leerwinst. Sluit aan op de evidence-agenda van NOLAI.
Kinderdata onder de AVG is strenger dan gewone persoonsdata. Deze as gebruikt de NL-normenkaders: Privacyconvenant Onderwijs, ROSA, Edu-K.
Een tool die niet inlogt via Entree of resultaten niet terugschrijft naar het LMS, wordt niet gebruikt. Deze as meet de fit met het NL-onderwijs-IT-ecosysteem.
De EU AI Act rekent AI voor toegang en beoordeling in het onderwijs tot de hoog-risico-categorie. Deze as is het hart van de NOLAI-missie: AI die de leraar de regie laat.
Onderwijsinkoop kent aanbestedingen, budgetcycli en lumpsum. Verdienmodel-validatie ziet er anders uit dan bij consumenten-SaaS.
EdTech vraagt onderwijskundige én technische competentie. Deze as bundelt team-, organisatie- en financieringsvolwassenheid.
Elk EdTech-product kan een mooie radar-score halen op technologie, adoptie en business en tóch niets bijdragen aan leren. Door pedagogische effectiviteit als volwaardige as met een 1–9-schaal te behandelen, dwingt OT-IRL het bewijs voor leerwinst af op hetzelfde niveau als het bewijs voor techniek. Dat is precies het onderscheid dat de nulmeting van NOLAI moet kunnen maken tussen "ziet er goed uit" en "werkt aantoonbaar".
Dezelfde lus als KTH, maar met de EdTech-assen. Dit is het mechaniek dat opdracht 2 (nulmeting) aan werkgroep 4 (roadmap-matrix) koppelt.
Gestructureerde vragen per dimensie. Bedrijf of begeleider scoort elke as 1–9.
Resultaat als radardiagram over 8 assen. Zwakke dimensies meteen zichtbaar.
De laagste assen bepalen de vervolgstap. Tech op 6 maar pedagogiek op 2 → eerst leerwinst valideren.
Zelfde meting later herhaald: ontwikkeling en portfoliovoortgang worden meetbaar.
Op ecosysteem-niveau (de NOLAI/Vinnova-parallel): één gedeelde OT-IRL maakt een hele portefeuille EdTech-aanbieders onderling vergelijkbaar en voortgang over tijd zichtbaar, precies wat werkgroep 1 (ecosysteemoverzicht) en werkgroep 4 (orkestrerende laag) nodig hebben.
De Dutch Edtech-datastructuur (Jitske van Os) en OT-IRL doen twee verschillende dingen en botsen dus niet. Dutch Edtech classificeert beschrijvend: wat is dit voor bedrijf, welk segment, welke doelgroep. OT-IRL meet evaluatief: hoe volwassen is het op acht assen. Op het EEP-platform horen ze op hetzelfde bedrijfskaartje: de Dutch Edtech-velden zijn de kop, de OT-IRL-radar is de diepte. Samen vormen ze exact de twee assen van de werkgroep 4-roadmap-matrix: subsector (Dutch Edtech Segment × Market Focus) × readiness (OT-IRL).
Statisch feit over het bedrijf. Verandert zelden.
Volwassenheid die groeit. Je hermeet 'm over tijd.
| Dutch Edtech-veld | Rol in OT-IRL | Waarom |
|---|---|---|
| Company Status (Operational / Low-activity / …) | Instapvoorwaarde | Alleen Operational krijgt een meting, spiegelt hun eigen platformregel. Rest wordt niet gescoord. |
| Type + Employees Range + Founding year | Voedt as 8 Team/org/funding | FTE en leeftijd zijn directe proxies voor organisatie- en funding-volwassenheid. |
| Ownership Status (founder / acquired NL / INT) | Voedt as 7 + 8 | Overgenomen bedrijf heeft een ander funding- en governance-verhaal. |
| Customer type (B2B / B2C / B2B2C / B2G) | Voedt as 2 + 7 | B2B2C maakt de koper ≠ gebruiker-splitsing expliciet; B2G betekent aanbesteding. |
| Product type (Software / Hardware / Hybrid) | Kleurt as 1 + 5 | Hardware kent een ander TRL- en integratie-traject dan pure SaaS. |
| Segment (11) + Market Focus | Bepaalt de weging | Beslist wélke assen zwaar wegen (zie hieronder) én levert de subsector-as van de WG4-matrix. |
Eén IRL-lat voor alle 11 segmenten is oneerlijk. Een Administratief Systeem hoeft geen sterke pedagogiek-score; een Assessment-tool absoluut wél, plus verantwoorde AI (de EU AI Act rekent beoordeling in het onderwijs tot hoog-risico). Daarom weegt OT-IRL de acht assen per Dutch Edtech-segment. Alle assen worden gemeten; deze bepalen de readiness-conclusie en de eerste roadmap-stap.
| Dutch Edtech-segment | Zwaarst wegende OT-IRL-assen |
|---|---|
| Assessment & Verification | 3 Pedagogiek6 Verantwoorde AI4 Data/privacy |
| Tutoring & Homework help | 3 Pedagogiek6 Verantwoorde AI4 Data/privacy |
| Language Learning | 3 Pedagogiek2 Gebruiker6 Verantwoorde AI |
| Learning Content Platforms | 3 Pedagogiek5 Interoperabiliteit2 Gebruiker |
| STEAM & Coding | 3 Pedagogiek1 Technologie2 Gebruiker |
| Immersive Tech (AR/VR) | 1 Technologie3 Pedagogiek2 Gebruiker |
| Learning Management Systems | 5 Interoperabiliteit4 Data/privacy1 Technologie |
| Administrative Management Systems | 5 Interoperabiliteit4 Data/privacy7 Business/inkoop |
| Reskilling · Upskilling | 7 Business/inkoop3 Pedagogiek2 Gebruiker |
| Jobs & Internships | 4 Data/privacy7 Business/inkoop2 Gebruiker |
Bij Pre-K-12 en Primary Education wegen as 4 (data/privacy) en as 6 (verantwoorde AI) extra zwaar: jonge kinderen, strengere AVG-kaders, gevoeliger onder de AI Act. Bij Tertiary en Lifelong Learning verschuift het gewicht naar as 7 (business/inkoop).
Dutch Edtech onderscheidt bedrijven mét (Startup/Scaleup) en zónder groeiambitie (Eenpitter/MKB). De opschaal-niveaus 7–9 zijn alleen een doel voor de eerste groep. Een stabiele Eenpitter op niveau 5 is niet "achter", die is af. OT-IRL mag zo'n bedrijf niet als falend lezen.